- zwijgen
- zwijgen1{{/term}}〈het〉1 silence♦voorbeelden:1 er het zwijgen toe doen • let something passiemand het zwijgen opleggen • 〈ook figuurlijk〉 silence someonehet zwijgen verbreken • break the silence————————zwijgen2{{/term}}〈onovergankelijk werkwoord〉1 [niet spreken] be silent2 [niet melding maken van] not record/mention, keep silent about3 [geen geluid meer geven] keep silent/still♦voorbeelden:1 plots zweeg de spreker • suddenly the speaker fell silenthij bleef zwijgen • he remained silentiemand doen zwijgen • shut someone up; 〈sterker〉 silence someoneik kan niet langer zwijgen • I can't keep it to myself any longer〈figuurlijk〉 kunnen zwijgen • be able to keep a secret〈figuurlijk〉 niet weten te zwijgen • not know how to keep one's mouth shut, blabiemand tot zwijgen brengen • 〈figuurlijk〉 reduce someone to silencede stem van zijn geweten tot zwijgen brengen • silence the voice of one's consciencezwijg! • hold your tongue!, be quiet!〈spreekwoord〉 wie zwijgt, stemt toe • silence means consent2 de wet zwijgt over een dergelijk geval • the law does not record a similar caseom nog te zwijgen van • to say nothing of, not to mentionvan/over iets zwijgen • not record/mention something, keep silent about something3 de muziek zwijgt • the music has stopped
Van Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels. 2015.